Archief →

De kwijtschelding van schulden in het kader van een procedure van gerechtelijke reorganisatie

Het onderwerp is niet nieuw maar zou wel weer eens bijzonder actueel kunnen worden zodra de sluitingen en steunmaatregelen in het kader van Covid-19 worden stopgezet.

De vraag luidt dus als volgt: een onderneming zit in financiële problemen en kan op geen enkele andere manier overleven dan door een reorganisatieprocedure in te dienen, met als onvermijdelijk gevolg dat een deel van de schulden aan de leveranciers en andere schuldeisers van de onderneming worden kwijtgescholden.

Wat is het fiscale lot van die kwijtschelding van schulden, zowel in hoofde van de onderneming die ervan geniet als van het bedrijf dat ermee instemt?

In hoofde van de onderneming in PGR

Artikel 48/1 WIB/92 geeft ons het antwoord: “De winst die voortvloeit uit de minderwaarden die door de schuldenaar zijn opgetekend op bestanddelen van het passief ten gevolge van de homologatie van een reorganisatieplan door de rechtbank of ten gevolge van de vaststelling door de rechtbank van een minnelijk akkoord krachtens Boek XX, titel V van het Wetboek van economisch recht, wordt vrijgesteld volgens de nadere toepassingsregels die de Koning (1) vaststelt”.

De in artikel 48/1 WIB 92 bedoelde vrijstelling wordt pas definitief verleend in het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbare tijdperk tijdens hetwelk het reorganisatieplan of het minnelijk akkoord volledig is uitgevoerd.

In afwijking van dit principe kan vóór de volledige tenuitvoerlegging van het plan of akkoord evenwel onder bepaalde voorwaarden reeds een tijdelijke, voorwaardelijke vrijstelling van de opbrengst uit de schuldvordering worden genoten. Eén van de voorwaarden is dat de vrijgestelde winst op een afzonderlijke rekening van het passief moet worden geboekt tot op de datum waarop het reorganisatieplan of minnelijk akkoord volledig is uitgevoerd”.

Dit artikel betekent evenwel ook dat een vennootschap waarvan het belastbaar resultaat krachtens artikel 48/1 van een aanzienlijk verlies verandert in winst, niet wordt belast op die winst.

In hoofde van de schuldeiser

Artikel 48/2 WIB/92 geeft ons het antwoord: “De waardeverminderingen en voorzieningen op schuldvorderingen op de medecontractanten waarvoor een reorganisatieplan is gehomologeerd of een minnelijk akkoord is vastgesteld op grond van artikel XX.38, XX.65 of XX.79 van het Wetboek van economisch recht, worden vrijgesteld en dit gedurende de belastbare tijdperken tot de volledige tenuitvoerlegging van het plan of van het minnelijk akkoord of tot het sluiten van de procedure”.

De Commissie voor Boekhoudkundige Normen wijdde hier een uitermate interessant advies aan (advies CBN 2011/9).

We raden u aan het te raadplegen indien u wordt geconfronteerd met een procedure van gerechtelijke reorganisatie (PGR).

ComptAccount is door DBiT ontwikkeld, een dochteronderneming van Groep Larcier