Archief →

Vrije toegang verschaffen tot de beroepslokalen: ja, maar niet gelijk hoe

Zowel het Wetboek van inkomstenbelastingen (art.319) als het btw-wetboek (art.63) bevatten gelijkaardige bepalingen die aangeven dat de belastingplichtigen de ambtenaren van de fiscus toegang moeten verschaffen tot hun beroepslokalen zodat die laatsten er boeken en bescheiden kunnen onderzoeken.

Indien de toegang verband houdt met bewoonde ruimtes, kan hij slechts plaatsvinden tussen 5 uur ‘s ochtends en 9 uur ‘s avonds, met machtiging door de politierechter.

Waarin bestaat die verplichting om toegang te verschaffen?

Ze kan op twee manieren worden bekeken: hetzij kent de belastingplichtige de toegang toe, zoals hij verplicht is te doen. Indien hij dat nalaat, wordt hij bestraft of kan de administratie zich zonder zijn toestemming toegang verschaffen.

Het Grondwettelijk Hof heeft zich hierover reeds uitgesproken in het  arrest 116/2017 van 12.10.2017.

Het koos overduidelijk voor de eerste oplossing, aangezien het het volgende besliste: "De in het geding zijnde bepalingen leggen de belastingplichtige of zijn gemachtigde de verplichting op om vrije toegang te verlenen tot de beroepslokalen en aldus hun medewerking te verlenen aan de fiscale visitatie. Ze staan de bevoegde ambtenaren evenwel niet toe zich met dwang de toegang tot de beroepslokalen te verschaffen wanneer de verplichte medewerking niet wordt verleend. Mocht de wetgever een dergelijke afdwingbaarheid van de toegang tot de beroepslokalen, zonder de instemming van de belastingplichtige hebben beoogd, dan had hij daarin uitdrukkelijk moeten voorzien en de voorwaarden daartoe moeten omschrijven, wat niet het geval is. Bij een weigering tot medewerking van de belastingplichtige aan de visitatie kan wel een administratieve geldboete worden opgelegd".

In een arrest van 12.05.2020 schreef het hof van beroep van Brussel evenwel dat er nergens in artikel 63 btw-wetboek een voorwaarde wordt opgelegd in verband met de aanwezigheid van de belastingplichtige of iemand die hem vertegenwoordigt, noch inzake de voorafgaande machtiging, en dat het evenmin de intentie van de wetgever geweest kan zijn om de controlerende ambtenaren pas de machtiging toe te kennen om de beroepslokalen te betreden na instemming van de belastingplichtige.

Bepaalde ambtenaren leidden daaruit af dat dit neerkwam op het kiezen voor de tweede oplossing.

Dat is echter niet het geval, want het hof verduidelijkt vervolgens zijn zienswijze door te beslissen dat het feit dat men de door de wet voorziene vrije toegang voor de controlerende ambtenaren weigert, een ernstige inbreuk vormt op de regelgeving inzake de btw. Het hof van beroep is dan ook van mening dat de opgelegde boetes terecht werden vastgesteld op 2,500, euro, gelet op de inbreuken en de gevolgen ervan.

Men kan hieruit besluiten dat het hof van beroep van Brussel zich met zijn uitspraak heeft aangesloten bij de eerste oplossing, en dat de tweede slechts diende als excuus voor het opleggen van een zware boete...

ComptAccount is door DBiT ontwikkeld, een dochteronderneming van Groep Larcier