Archief →

Een auditcomité in beursgenoteerde vennootschappen en in financiële ondernemingen

Bij een wet van 17.12.2008 voerde de regering de verplichting in om een auditcomité op te richten in beursgenoteerde vennootschappen en financiële ondernemingen (BS 29.12.2008).

 

Een auditcomité is volgens het nieuwe artikel 526bis van het wetboek van vennootschappen een comité dat “samengesteld is uit niet-uitvoerende leden van de raad van bestuur. Ten minste één lid van het auditcomité is een onafhankelijk bestuurder in de zin van artikel 526ter, en beschikt over de nodige deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit.”

 

Volgens datzelfde artikel 526bis heeft dat comité de volgende taken:
a) monitoring van het financiële verslaggevingsproces;
b) monitoring van de doeltreffendheid van de systemen voor interne controle en risicobeheer van de vennootschap;
c) indien er een interne audit bestaat, monitoring van de interne audit en van zijn doeltreffendheid;
d) monitoring van de wettelijke controle van de jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening, inclusief opvolging van de vragen en aanbevelingen geformuleerd door de commissaris en, in voorkomend geval, door de bedrijfsrevisor die instaat voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening;
e) beoordeling en monitoring van de onafhankelijkheid van de commissaris en, in voorkomend geval, van de bedrijfsrevisor die instaat voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening, waarbij met name wordt gelet op de verlening van bijkomende diensten aan de vennootschap.

Het auditcomité brengt bij de raad van bestuur geregeld verslag uit over de uitoefening van zijn taken, en ten minste wanneer de raad van bestuur de jaarrekening, de geconsolideerde jaarrekening en, in voorkomend geval, de voor publicatie bestemde verkorte financiële overzichten opstelt.”

 

Het doel is lovenswaardig, maar de voorgaande ervaringen uit een helaas recent verleden doen de vrees voor afwijkingen ontstaan:

 

-  in plaats van de bezoldigingen van bestuurders van beursgenoteerde en financiële ondernemingen te reguleren werd met akkoord van onze politieke vertegenwoordigers beslist om een corporate governance-code in te stellen (beter bekend onder de naam ‘code lippens'). We hebben ondertussen gezien wat die zelfregulering heeft opgeleverd. Uiteindelijk moest de regering ingrijpen om het vastleggen van de 'gouden parachutes' te reguleren.

-  Europa wilde onder druk van de organisatie van de wereldeconomie de boekhoudnormen hervormen. Beursgenoteerde en financiële ondernemingen kregen de IAS- en IFRS-normen opgelegd die het resultaat waren van privé-initiatieven uit de schoot van een raad van internationale accountants. De financiële en economische crisis heeft een tsunami veroorzaakt op die dermate ‘veranderlijke' normen, zodat die experts, en Europa in hun zog, beslisten tot een aantal afwijkende maatregelen om de perverse gevolgen van de boekhouding tegen marktwaarde te neutraliseren. Ze mogen dan wel expert zijn, maar voorzien dat er plots geen markt meer is en dat het systeem implodeert valt blijkbaar niet onder hun expertise.

-  Europa heeft ook de regels voor de controle van vennootschappen willen hervormen. De Belgische toepassing houdt in dat elke revisor de opdracht van commissaris in een bedrijf niet langer dan 7 jaar mag vervullen, omdat anders het risico op belangenvermenging te groot wordt. Men had een rotatie onder de leden van het Instituut van Bedrijfsrevisoren kunnen organiseren, maar het IBR heeft zijn leden toegestaan om deze rotatie toe te passen binnen een enkel revisorenkantoor. De titularis van het dossier is niet meer dezelfde, de medewerkers evenmin, maar het dossier blijft de eigendom van dezelfde juridische en economische entiteit!

 

Uit de drie voorgaande voorbeelden uit de helaas recente actualiteit in de economische wereld blijkt duidelijk de noodzaak om de zaken grondig te hervormen, en niet meer met de voorgestelde maatregelen die uitgaan van dezelfde principes die deze chaos hebben teweeggebracht.

 

De invoering van auditcomités in beursgenoteerde en financiële bedrijven is al even absurd als de aangehaalde voorbeelden. Als men echt de onafhankelijkheid van de auditeurs en een heuse interne controle beoogt, moeten de daarmee belaste personen aangesteld worden door onafhankelijke instanties samengesteld uit personen die geen rekenschap hoeven af te leggen aan bedrijfsleiders, aandeelhouders, vakbonden of politieke partijen.

 

Het zal dus niet voor morgen zijn, maar een ding is zeker: het auditcomité dat door het Staatsblad van 29.12.2008 werd ingesteld is reeds verleden tijd.

 

Men kan ons verwijten dat we te snel kritiek uitten toen de hindernissen opdoken. Ter verdediging verwijzen we u naar eerdere artikels over die verschillende onderwerpen, publicaties in tempore non suspecto. We willen u ervan bewust maken dat wat we vandaag schrijven niet meer is dan een heruitgave van wat we in het verleden reeds hebben geschreven, toen alles nog goed ging.

ComptAccount is door DBiT ontwikkeld, een dochteronderneming van Groep Larcier