Voorafbetalingen en wetgevende klucht.

 

Een recent voorbeeld van de wetgevingsdrift van ons land:

"Art. 3. Artikel 50, eerste lid, van de wet van 22 december 2009 houdende fiscale en diverse bepalingen, wordt vervangen als volgt:

Art. 50. De artikelen 44 tot 48 zijn van toepassing vanaf aanslagjaar 2010. Artikel 49 is van toepassing vanaf aanslagjaar 2011."

Deze tekst bevindt zich in de wet van 19 mei 2010 die verscheen in het Staatsblad van 28 mei 2010.

Dat zegt u niets, ons ook niet, ten minste niet als men weet dat die wetten van halfweg het jaar en op het einde van het jaar teksten in alle richtingen en uit alle juridische domeinen bevatten (het woord ‘diverse' uit de titel van de wet volstaat ruimschoots om het besluit te duiden).

Voorgeschiedenis

In een wet houdende fiscale en diverse bepalingen van 22 december 2009 die op 31 december datzelfde jaar in het Belgisch Staatsblad verscheen hebben onze verkozenen met hun grote wijsheid "maatregelen voor kleine vennootschappen" getroffen.

Deze wetten beogen de vervanging in het WIB/92 van het criterium van KMO bepaald op basis van de fiscale definitie om een beroep te kunnen op het verlaagd tarief in de vennootschapsbelastingen door artikel 15 uit het wetboek van vennootschappen. Waarom? Omdat telkens als een belastingplichtige voor het Grondwettelijk Hof het beroep op het fiscaal criterium in plaats van het criterium uit het wetboek van vennootschappen betwistte, de Belgische staat over de hele lijn werd veroordeeld. We hadden het over de 'grote wijsheid' van onze verkozenen, maar dat was een fout van onzentwege. Het ging immers enkel om het rechtzetten van afwijkingen in de radertjes van de staat ...

De wijziging die in artikelen 44 tot en met 49 van de wet van 22.12.2009 werd ingevoerd moest immers een einde maken aan geschillen waarin de staat bij voorbaat was verloren.

Als we dachten dat de zaak daarmee was gesloten, was dat gerekend buiten diegenen die in de schaduw de overheidsbegroting opmaken.

28 mei 2010: het Staatsblad publiceert een wet van 19 mei 2010 die eveneens betrekking heeft op fiscale en diverse bepalingen. Ze bevat het artikel dat vooraan in dit artikel werd aangehaald.

Vertaling van de tekst zoals hij werd aangenomen door onze verkozenen

 Het beroep op het begrip van KMO op basis van het wetboek van vennootschapsbelastingen in het wetboek van inkomstenbelastingen werd bevestigd ... behalve voor de uitzondering van artikel 218 § 2 WIB/92 dat voorziet dat voor KMO's in de zin van artikel 15 wetboek van vennootschappen "er geen vermeerdering is verschuldigd op de belasting die betrekking heeft op de eerste drie boekjaren vanaf haar oprichting", en dat ze maar zal worden toegepast vanaf aanslagjaar 2011 en niet meer 2010.

Hebt u het allemaal begrepen?

Dat is een verbijsterende manier van wetten maken. Deze ‘kromme' bepaling is uitsluitend op gericht om de fiscalist te ‘tackelen' die dag in dag uit almaar vagere en onduidelijkere teksten probeert toe te passen, wetten vervat in quasi zinloze mammoetwetten die gestemd worden door parlementariërs die niet meer doen dan op een knopje drukken in het parlement om afhankelijk van de partijrichtlijnen ja of nee te antwoorden, en die niet meteen de belichaming zijn van de burger die geacht wordt de wet te kennen.

Schaakmat voor de wetgever

Dat neemt niet weg dat de staat, onze verkozenen dus, om niet te verdwalen in haar politiek politicienne nog maar eens aan het kortste eind zal trekken voor de fiscale rechtbanken of voor het Grondwettelijk Hof.

Het volstaat niet om een uistel te stemmen bij de inwerkingtreding van een wettelijke bepaling om te oordelen dat ze erga omnes van toepassing zal zijn, en zij die enig geloof zouden hechten aan de beloftes en de gepubliceerde teksten zouden het nakijken hebben.

Met de wet van 22.12.2009 werd de vrijstelling van voorafbetalingen voor vennootschappen jonger dan drie jaar ingevoerd vanaf aanslagjaar 2010. Plots kondigt het Staatsblad op 28 mei 2010 (aanslagjaar 2010 is al 148 dagen afgesloten) aan dat u niet in regel bent en dat er vermeerdering zal worden toegepast, terwijl u al ruim 6 maanden in regel bent.

De aangifte in de vennootschapsbelastingen moet voor 15 september 2010 worden ingediend, maar wat verandert dat?

De meeste ondernemingen hebben hun rekening afgesloten voor 28 mei, en als ze hun algemene vergadering nog niet hebben gehouden, is dat om de kosten die het afsluiten van een jaarrekening meebrengt zoveel mogelijk uit te stellen.

Zoals de traditie het wil dreigt de belastingadministratie vast te houden aan de wettekst, wat bezwaarschriften, beroepen en voorzieningen in cassatie zal opleveren tot het gerecht haar voor de zoveelste keer tot de orde roept.

Conclusie

De Staat heeft hier de idiotie ten top gedreven. De fiscalisten en via hen hun klanten worden gegijzeld door de dwalingen van de overheid.

Deze manier van wetgeving is onaanvaardbaar en ontkent de rechten van de burgers (in casu jonge ondernemingen) op een rechtvaardige belastinginning.

"Gegeven is gegeven (dat kun je niet terug afpakken)" ... onze bewindvoerders dit adagium beter indachtig zijn.

We moeten de ondernemingsgeest aanwakkeren, luidde het tijdens de verkiezingscampagne ... dat schijnt aardig te lukken?!